Openingstijden: dinsdag t/m zaterdag van 10:00 uur tot 17:00 uurArchief op afspraakVolg de Historische Vereniging Zwartsluis opEen donatie doen? Graag!
Ons nieuwsoverzichtDe Historische Vereniging Zwartsluis organiseert met regelmaat boeiende en interessante bijeenkomsten voor iedereen die geinteresseerd is in de historie van Zwartsluis. Blijf op de hoogte door ons nieuwsoverzicht in de gaten te houden om niets te willen missen!
De tram reed nog één keerdoor de SluuspoortHarrie Scholtmeijer brengt de geschiedenis van de tramlijn tussen Zwolle en Blokzijl tot levenWie woensdagavond de Sluuspoort binnenstapte, kon zich even terug wanen in een tijd waarin de stoomtram het landschap van de Kop van Overijssel doorkruiste. Harrie Scholtmeijer nam de ruim zeventig aanwezigen mee in de geschiedenis van de tramverbinding tussen Zwolle en Blokzijl. Het werd een avond vol historische beelden, bijzondere verhalen en herkenning, waarbij ook buiten de lezing om volop herinneringen en ervaringen werden uitgewisseld.Voorafgaand aan de lezing heette Marco Snel, penningmeester van de Historische Vereniging Zwartsluis (HVZ), de bezoekers welkom. Hij vertelde over enkele nieuwe activiteiten van de vereniging. Zo is onlangs een groep enthousiaste mensen bijeengekomen die zich wil inzetten om kinderen meer vertrouwd te maken met de plaatselijke geschiedenis. Ook wordt gewerkt aan een programma voor de Open Monumentendag. Daarnaast keek hij terug op de samenwerking met de Provincie Overijssel bij de viering van tweehonderd jaar vernieuwde Arembergersluis, die vorige maand plaatsvond.Er was nog meer goed nieuws. Juist op deze avond kon de vereniging het tweehonderdste nieuwe lid inschrijven. Ruim twee jaar geleden begon de HVZ een ledenwerfactie met als doel honderd nieuwe leden te verwelkomen. Dat aantal is inmiddels verdubbeld. Een mooie opsteker voor een vereniging die zich met zoveel enthousiasme inzet voor het behoud en de geschiedenis van Zwartsluis.Een tramreis vol geduldDaarna was het woord aan Harrie Scholtmeijer, dialectoloog bij de Overijsselacademie en schrijver van het Woordenboek van de Overijsselse Dialecten. Hij verzorgde in 2015 al eens een lezing over deze bijzondere tramverbinding, maar ook nu wist hij zijn publiek moeiteloos te boeien. Met een vlotte vertelstijl en een fraaie reeks historische beelden schetste hij de korte, maar bewogen geschiedenis van de tramlijn.De plannen voor een betere verbinding tussen Zwolle en de plaatsen in de Kop van Overijssel bestonden al tientallen jaren voordat de tram daadwerkelijk ging rijden. In 1880 waren de eerste initiatieven er al, maar pas in 1904 werd de N.V. Spoorweg-Maatschappij ‘Zwolle-Blokzijl’ opgericht. In 1914 was het dan eindelijk zover: de stoomtram reed haar eerste rit.Via onder meer Hasselt, Zwartsluis en Vollenhove verbond de tram de streek met Zwolle en Blokzijl. Voor de inwoners betekende dat nieuwe mogelijkheden voor vervoer, handel en contact. Maar wie dacht snel op de plaats van bestemming te zijn, moest wel over het nodige geduld beschikken. De vele stopplaatsen maakten de reis niet bepaald kort.En dan was er nog het Zwartewater bij Hasselt. De scheepvaart had voorrang en dat kon voor tramreizigers een flinke vertraging opleveren. Zo kon je zomaar een halfuur staan wachten, terwijl je aan de overkant van het water je bestemming al in het vizier had. Een situatie die de reiziger van nu zich nauwelijks nog kan voorstellen.Ook de verhalen over de tram die door het smalle Buitenkwartier in Zwartsluis reed, zorgden voor de nodige hilariteit. Baldadige jeugd wist er soms wel een heel eigen invulling aan te geven. Zo werd verteld hoe vanuit een slaapkamerraam een pispot boven een passerende tramwagon werd geleegd. Het zijn juist zulke anekdotes die de
geschiedenis een menselijk gezicht geven en laten zien dat er ook in die tijd genoeg viel te beleven.De beelden brachten het verleden dichtbijEen bijzondere bijdrage kwam van archiefmedewerker Henk Dekker, die een prachtige compilatie had samengesteld van foto's uit het archief van de vereniging. Zowel voorafgaand aan de lezing als tijdens de pauze bleven bezoekers geboeid naar de beelden kijken.De tram kwam opnieuw tot leven. We zagen hem over de Kolksluisbrug rijden en door het Buitenkwartier trekken. De oude stationsgebouwen en de haltes langs de route riepen beelden op van een streek die er inmiddels heel anders uitziet. Ook de stations bij de Veerallee in Zwolle en in de plaatsen onderweg kwamen voorbij. Je hoorde de stoomfluit bij wijze van spreken nog net niet klinken. Van de voormalige stationsgebouwen langs deze verbinding is alleen dat van Vollenhove bewaard gebleven.De belangstelling voor de foto's liet zien hoeveel zo’n historische verzameling kan losmaken. Oude beelden zijn meer dan een registratie van wat ooit was. Ze roepen herinneringen op, brengen gesprekken op gang en geven ook wie de tram zelf nooit heeft meegemaakt een indruk van het leven van toen.Een avond die nog even bleef nazinderenRuim anderhalf uur nam Scholtmeijer zijn toehoorders mee langs de geschiedenis van de tramlijn. De pauze bood volop gelegenheid om met elkaar in gesprek te gaan. Er werd herinnerd, verteld en bijgepraat. De sfeer was warm en ongedwongen, waardoor de avond meer werd dan alleen een lezing over een verdwenen vervoermiddel.De tramverbinding hield in 1934 op te bestaan. De autobus nam het vervoer over, eerst nog onder dezelfde naam en later als ‘de Noordwesthoek’. De wereld veranderde en de stoomtram verdween uit het dagelijkse leven. Toch blijkt uit de belangstelling voor deze avond dat de herinnering aan de tram nog altijd leeft.Na afloop bedankte de vereniging Harrie Scholtmeijer voor zijn boeiende verhaal en ontving hij een smakelijke attentie van Bakker Ekkelenkamp uit handen van Marco. Vervolgens werd alvast vooruitgekeken naar de volgende activiteit: de Archiefavond op woensdag 18 november in de Sluuspoort. Tijdens deze gratis toegankelijke inloopavond wordt het archief opengesteld en kunnen bezoekers belangrijk historisch materiaal inleveren. Nadere informatie volgt begin november.Namens het bestuur van de Historische Vereniging Zwartsluis,Herman Slurink
Het protest tegen de sluiting van de Kolksluis krijgt een opvallende vorm
Geert Terwel besloot zijn zorgen niet alleen uit te spreken, maar ook muzikaal te laten horen. “Het is een protestlied”, zegt hij zelf. Met zijn nummer wil hij aandacht vragen bij Rijkswaterstaat voor de situatie rond de sluis. Dat lijkt inmiddels gelukt: “Ik heb het naar iemand van Rijkswaterstaat gestuurd en die heeft het binnen de organisatie gedeeld.”Volgens Terwel is het geen fel of aanvallend nummer, maar juist een genuanceerd geluid. Hij omschrijft het als een ‘fatsoenlijk lied’. “Als je ziet wat er allemaal gebeurt in de Kolksluis, zoals bootjes aanleggen en boegsprietlopen. Misschien gaan ze er dan bij Rijkswaterstaat anders over denken. En ik hoop dat zoiets als dit liedje er dan bij helpt.”De frustratie over de gesloten sluis leeft breder in het dorp. Terwel wijst daarbij niet alleen op de emotionele kant, maar ook op de economische gevolgen. “Het is niet alleen emotie, het is ook handel. Het heet niet voor
niks de Handelskade. Al die ijsjes bijvoorbeeld die nu niet verkocht worden.”Zijn idee voor het lied ontstond vanuit die betrokkenheid. Onder de titel ‘Blijf bij ons’ zette hij zijn boodschap kracht bij. “Ik zit al een tijdje op zangles. De melodie van Boudewijn de Groot kende ik natuurlijk al. Toen heb ik aan Lieke Bax verteld wat er allemaal in moest voorkomen en zij heeft de tekst geschreven.”Voor de productie werkte hij samen met meerdere betrokkenen uit de regio. Ivo Eenkhoorn van de Historische Vereniging Zwartsluis zorgde voor passend beeldmateriaal, terwijl Jan Kisjes het nummer opnam in zijn studio in Dalfsen. De timing was bewust gekozen: “Maandag is er een gesprek tussen de burgemeester en Rijkswaterstaat, dat was mijn deadline”, aldus Terwel. “Ik hoop dat het zijn uitwerking heeft.”
De nautische geschiedenis van Zwartsluis krijgt steedsmeer gezichtNieuwe oproep rond de maritieme geschiedenis van ZwartsluisEnkele maanden geleden deden wij via Zwartsluis Actueel een oproep aan inwoners en bedrijven om mee te denken over een boek over de nautische geschiedenis van Zwartsluis. De reacties die daarop volgden hebben ons verrast. Van verschillende kanten ontvingen wij foto's, documenten, herinneringen en persoonlijke verhalen. Sommige daarvan waren al jarenlang in familiebezit en nooit eerder openbaar gemaakt. Juist dat maakt deze zoektocht zo bijzonder. Achter iedere foto en ieder document blijkt opnieuw een verhaal schuil te gaan dat iets toevoegt aan de geschiedenis van ons dorp.Inmiddels kunnen we zeggen dat de contouren van het boek zichtbaar worden. Het fundament ligt. De hoofdstukken over de scheepswerven, de verschillende ambachten en hun onderlinge samenhang zijn in concept gereed. Natuurlijk zal er de komende tijd nog veel worden aangevuld met foto's, illustraties, kaders en nieuwe ontdekkingen, maar het geheel begint steeds meer de vorm te krijgen van het boek dat wij voor ogen hadden.Juist daarom willen wij opnieuw een beroep doen op de kennis en herinneringen die in Zwartsluis en omgeving nog aanwezig zijn. Niet omdat er nog te weinig materiaal is, maar omdat wij merken hoeveel onverwachte schatten nog boven water komen zodra mensen weten waarnaar wordt gezocht.Waar zijn de schepen gebleven?Tijdens onze werkzaamheden ontdekten wij hoe verrassend veel schepen die ooit in Zwartsluis werden gebouwd, nog altijd bestaan. Sommige varen nog dagelijks, andere zijn gerestaureerd of hebben elders een nieuw leven gekregen. Van weer andere is via archieven en maritieme databanken een indrukwekkend levensverhaal te reconstrueren.Zo kwamen wij onder meer de Disponibel, de Oosterschelde, de Dwerskop, Gerrigje, Friesland en Sjakie tegen. Achter ieder van deze schepen schuilt een geschiedenis die begon op een werf in Zwartsluis en zich vervolgens over heel Nederland en soms zelfs daarbuiten heeft voortgezet. Dat roept een mooie vraag op.Welke in Zwartsluis gebouwde schepen bestaan er nog meer?Misschien kent u een schip dat nog vaart. Misschien bezit u een oude foto van een tewaterlating. Misschien weet u waar een schip terecht is gekomen of kent u mensen die het levensverhaal ervan kunnen vertellen. Wij zouden deze verhalen graag een plaats geven in het boek.Misschien is er zelfs iemand die het leuk vindt om zich juist in dit onderwerp te verdiepen en samen met ons de geschiedenis van deze schepen verder in kaart te brengen.Scheepssier: de kunst van het schipEen tweede onderwerp dat tijdens onze zoektocht steeds meer onze aandacht trekt, is het scheepssier. Een schip was meer dan een gebruiksvoorwerp. Wie goed kijkt naar oude foto's ontdekt hoeveel aandacht vroeger werd besteed aan de afwerking en de versiering. Fraai gesneden mastborden, naamborden, roerknoppen, vlaggenstokknoppen, beschilderde boeisels, sierlijke schilderingen in de klik, vergulde details en soms zelfs rijk houtsnijwerk gaven ieder schip een eigen gezicht.Ook in Zwartsluis was dat een belangrijk onderdeel van het vakmanschap.
Uit de kasboeken van de schildersfamilie Elbers blijkt hoe vaak schepen werden voorzien van verguld werk, sierlijke schilderingen, beschilderde scheepsvlaggen en decoratieve details. Ook in oude doop- en trouwregisters komen vaklieden voor die worden aangeduid als beeldsnijder, beeldhouwer of klootdraaier, ambachtslieden die zich bezighielden met het maken van juist deze scheepsversieringen. Maar hoeveel daarvan is nog bewaard gebleven?Misschien hangt er ergens nog een oud naambord op een zolder of schuur. Misschien staat er een vlaggenstok met gesneden knop op een erf. Misschien bezit iemand een model van een Zwartsluizer schip waarop het oorspronkelijke scheepssier nog zichtbaar is. Of misschien zijn er verhalen over de mensen die dit bijzondere werk maakten.Ook daarvan ontvangen wij graag foto's, voorwerpen of herinneringen.Samen bouwen aan een blijvend documentSteeds duidelijker wordt dat de maritieme geschiedenis van Zwartsluis veel groter is dan alleen de geschiedenis van scheepswerven. Het is ook het verhaal van de mensen die de schepen bouwden, ze uitrustten, onderhielden, versierden en ermee hun brood verdienden. Met iedere nieuwe bijdrage groeit niet alleen ons archief, maar ook het boek zelf.Wij hopen daarom dat inwoners, oud-inwoners, schippers, verzamelaars en bedrijven ons ook de komende maanden willen blijven helpen. Wie informatie deelt, levert niet alleen een bijdrage aan dit boek, maar helpt ook mee om een belangrijk deel van de geschiedenis van Zwartsluis voor toekomstige generaties te bewaren.Daarnaast voeren wij inmiddels gesprekken over de financiering van de uitgave. Verschillende bedrijven tonen belangstelling om het project mogelijk te maken. Wij zijn ervan overtuigd dat een boek over de nautische geschiedenis van Zwartsluis alleen kan ontstaan wanneer het wordt gedragen door de gemeenschap waarvan die geschiedenis deel uitmaakt. Bedrijven en organisaties die hierover met ons in gesprek willen gaan, zijn dan ook van harte welkom. Alle Elbers en Herman SlurinkHeeft u informatie, foto's, documenten of verhalen die kunnen bijdragen aan dit project, of wilt u meedenken over de verdere realisatie van het boek, dan kunt u contact opnemen met:Herman Slurinkh.jslurink@freeler.nl06 - 37300926
Tweehonderd jaarArembergersluis: het verhaal achter een steenEen klein stukje steen, een eeuwenoude vaarroute en een geschiedenis die nog altijd door het water wordt gedragen. Vrijdagmorgen werd bij de Arembergersluis stilgestaan bij het feit dat precies tweehonderd jaar geleden de eerste steen werd gelegd van de sluis zoals we die nu kennen. Nog onbewust van de drukte die haar straks overvalt, wacht zij, net als voorgaande eeuwen, op de eerste passanten die op deze stralende dag tussen haar sluisdeuren schutten.Het is misschien wel een van de meest vanzelfsprekende plekken van Zwartsluis. Je fietst erlangs, loopt eroverheen of vaart er met een bootje door. De deuren gaan open en dicht en het water doet wat het al eeuwen doet: stromen. Toch kreeg de Arembergersluis vrijdagmorgen even alle aandacht. En dat gebeurde eigenlijk dankzij een opmerkzame brugwachter.Wim Lammerts had de gedenkplaat die in de muur van de sluis is ingemetseld natuurlijk al ontelbare keren gezien. Maar ineens viel zijn oog op de datum: 25 september 1826. Tweehonderd jaar. Toen ging er een belletje rinkelen. Dit kon je toch niet zomaar voorbij laten gaan? Lammerts tipte Erik-Jan Berends van de Provincie Overijssel hierover. Berends nam vervolgens contact op met de Historische Vereniging Zwartsluis en zo ontstond het idee om op bescheiden wijze aandacht te besteden aan het bijzondere jubileum. Dat idee kreeg vrijdagmorgen gestalte. Zo'n vijftig belangstellenden kwamen bijeen in Sluuspoort. Bij binnenkomst wachtte een kop koffie, met als traktatie het welbekende Sluzenaartje van de plaatselijke bakker.Namens de Provincie Overijssel hield Mark Zandvoort een korte openingstoespraak, waarin hij ook het belang van het behoud van de Arembergersluis benadrukte. Zeker in een tijd waarin overheden met beperkte middelen steeds opnieuw keuzes moeten maken, is het behoud van historisch erfgoed niet vanzelfsprekend. Daarna ging het gezelschap te voet naar de Arembergersluis, waar Wim Lammerts de bezoekers opwachtte.Een steen uit 1826Precies tweehonderd jaar geleden, op 25 september 1826, werd hier de eerste steen gelegd. Die steen ligt er nog steeds. Voor wie er dagelijks langs komt misschien niet meer dan een onderdeel van de omgeving, maar wie er zijn oog op laat vallen, kijkt ineens naar een stukje Zwartsluis dat een heel tijdperk overbrugt.Voorzitter Victor van Kleef van de Historische Vereniging Zwartsluis nam zijn gehoor mee naar dat jaar 1826. Nederland maakte toen nog deel uit van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden onder koning Willem I. Het was een tijd waarin kanalen, handel en waterwegen van groot belang waren voor de ontwikkeling van het land. Maar voor Zwartsluis was er ook een veel directere aanleiding voor de werkzaamheden aan de sluis. Anderhalf jaar eerder, in februari 1825, was Noordwest-Overijssel getroffen door een enorme watersnoodramp. Dijken braken door en ook Zwartsluis werd zwaar getroffen. Het water was hier altijd al vriend en vijand tegelijk geweest. Het bracht handel en werk, maar kon ook een ander gezicht laten zien.In 1826 werd de sluis in haar toenmalige vorm vernieuwd. Er werd ruim zesduizend gulden aan buitengewone werken uitgegeven en de bestaande vaste brug maakte plaats voor een ophaalbrug. Een lang gekoesterde wens van de gebruikers ging daarmee in vervulling. Maar wie vandaag spreekt over tweehonderd jaar Arembergersluis, heeft het eigenlijk over tweehonderd jaar van de huidige sluis. Want het verhaal van deze plek gaat veel verder terug.Vier eeuwen geschiedenisHalverwege de zestiende eeuw liet Joan van Ligne, graaf van Aremberg, de Arembergergracht graven. Rond 1560 ontstond daarmee een verbinding tussen het Zwarte Water en het gebied van de huidige Wieden en de meren bij Giethoorn. Dat was geen toevallig slootje. De Zuiderzee was in die tijd bepaald geen water waarop iedere schipper zich zonder zorgen begaf. Een veilige binnenvaartroute was van grote betekenis. Bovendien werd rond Vollenhove turf gewonnen. En turf betekende handel.Aan het begin van de zeventiende eeuw verscheen op deze plaats de eerste sluis. Die werd door een zware storm verwoest, waarna in 1616 werd besloten op dezelfde plek een nieuwe sluis te bouwen. Rond 1620 was die gereed. De geschiedenis van de sluis gaat daarmee ruim vier eeuwen terug. En eigenlijk is dat tegelijk de geschiedenis van Zwartsluis zelf. De turf kwam over het water naar Zwartsluis, werd opgeslagen en overgeladen en vond via de grotere vaarwegen zijn weg verder het land in. Rond het water ontstond werk. Schippers, scheepsbouwers, zeilmakers, smeden, touwslagers en timmerlieden verdienden er hun brood. Hele families vonden hier hun bestaan. Het water bracht bedrijvigheid met zich mee. En de bedrijvigheid bracht een gemeenschap voort.
Drieduizend schepen per jaarDat de Arembergersluis ooit een belangrijke schakel in die bedrijvigheid was, blijkt ook uit een negentiende-eeuws verslag waarin wordt gesproken over gemiddeld zo'n drieduizend vaartuigen die jaarlijks door de sluis gingen. De sluis was bovendien lange tijd particulier bezit. Na de verkoop van de bezittingen van de familie Aremberg kwam zij in handen van verschillende participanten. Het eigendom was verdeeld in aandelen en de sluis leverde geld op. Het zijn details die laten zien dat zo'n sluis veel meer was dan een technische voorziening. Het was een bedrijf, een economische schakel en een ontmoetingsplaats.En er zijn verhalen die gemakkelijk uit het collectieve geheugen verdwijnen. Zo wees Albert Greveling de Historische Vereniging op twee bijzonderheden die tegenwoordig nauwelijks nog bekend zijn. Na de stormramp van 1825 hadden Zwartsluis en de Arembergersluis nog ruim honderd jaar met eb en vloed te maken. De sluis had daardoor in feite de functie van een zeesluis. Ook het zogenoemde hevenslepen hoorde bij het leven op het water. Met punters werden lange stroken drijvend rietland vanaf de oevers bij de Arembergergracht, het zogenoemde Kraggeland, versleept langs de strekdam bij Kraggenburg. Het drijvende rietland diende daar als golfbreker. Het zijn verhalen die je niet ziet wanneer je vandaag simpelweg over de sluis fietst. Maar ze liggen er wel, onder en achter het vertrouwde beeld.Een sluis die mocht blijvenZoals aan veel dingen kwam ook aan de bloeitijd van de Arembergersluis een einde. Schepen werden groter, vaarwegen veranderden en nieuwe verbindingen en sluizen namen functies over. Rond 1930 werd zelfs serieus gesproken over demping van de Arembergergracht en sluiting van de sluis. Daar kwamen de gemeente en de bevolking tegen in verzet. Gelukkig bleef de sluis behouden. In 1931 werd zij vergroot. Het sluiswachtershuisje bleef onderdeel van het complex en werd later gerestaureerd. Ook de functie veranderde. De beroepsvaart maakte steeds meer plaats voor de recreatievaart. Maar wie denkt dat het tegenwoordig rustig is geworden op dit stukje water, hoeft alleen maar naar de cijfers te kijken. In 2025 passeerden meer dan 10.000 vaartuigen de sluis. De deuren gaan nog altijd open en dicht.We zullen het hier maar niet hebben over de situatie bij de Grote Kolksluis in het centrum van Zwartsluis, waar momenteel zelfs tot in de Tweede Kamer aandacht voor is. De Arembergersluis laat in ieder geval zien dat een historische sluis ook in de eenentwintigste eeuw nog gewoon onderdeel kan zijn van het dagelijks leven.Een brugwachtershuis met een eigen verhaalDat geschiedenis niet alleen in oude stenen zit, bleek vrijdagmorgen op een andere manier. Onder de aanwezigen bevond zich ook Peter Kuiper. Hij bouwde in 1977 het huidige brugwachtershuis, ter vervanging van een houten voorganger. Daarmee stond bij deze viering iemand tussen de belangstellenden die niet alleen de geschiedenis van de plek kende, maar er zelf letterlijk aan had meegebouwd. Dat is een mooi detail. De Arembergersluis is geen museumstuk dat ergens buiten de werkelijkheid staat. Door de eeuwen heen hebben steeds weer mensen eraan gewerkt, haar onderhouden, aangepast en gebruikt. Ook vandaag is dat nog zo.Een vlag voor ZwartsluisNa de historische terugblik volgde een eenvoudig maar betekenisvol moment. Mark Zandvoort en brugwachter Wim Lammerts hesen de vlag van Zwartsluis op de plaats waar normaal de vlag van de provincie wappert. De vlag krijgt binnenkort een vaste plek op het brugwachtershuisje, als blijvende herinnering aan deze bijzondere dag.Geen groot feest, geen uitgebreide ceremonie. Wel een moment waarop even werd stilgestaan bij een plek die voor veel inwoners zo vertrouwd is dat je gemakkelijk vergeet hoe bijzonder haar geschiedenis eigenlijk is. Het gebeuren onderstreepte tegelijkertijd het belang van een actieve Historische Vereniging. Want wie de geschiedenis van een dorp levend wil houden, moet niet alleen terugkijken, maar ook blijven zoeken naar wat nog niet bekend is. De Historische Vereniging werkt ondertussen verder aan de nautische geschiedenis van Zwartsluis om dat later in boekvorm te publiceren. Wie oude foto's, documenten of herinneringen heeft, kan daar nog steeds een bijdrage aan leveren.Het is zoals de Arembergersluis vandaag opnieuw liet zien, geschiedenis is nooit helemaal af. Er ligt altijd nog een steen ingemetseld die iets te vertellen heeft. Een oud verhaal dat iemand zich herinnert. Een foto op zolder. Een document in een la. Of een naam waarvan niemand meer precies weet waarom die ooit belangrijk was. Soms hoeft iemand alleen maar goed te kijken. Zoals brugwachter Wim Lammerts deed.Herman Slurink, redactie Sluziger Kroniek, Historische Vereniging Zwartsluis